Eerste resultaten

Op deze pagina lees je de eerste resultaten van het spoor Technische Levensduur. 

Expertsessie monitoring natte kunstwerken

27 augustus 2015

Met behulp van inspectie en monitoring kan beter inzicht worden verkregen in de werkelijke staat van een kunstwerk. Alles monitoren is niet haalbaar, dus moeten er slimme keuzes gemaakt worden: door grip te kunnen krijgen op de meeste ernstige schademechanismen wordt de voorspelbaarheid van het moment dat een kunstwerk het einde van zijn technische levensduur bereikt vergroot. Hiertoe is met een groep experts van Deltares, TNO en Rijkswaterstaat op 27 augustus een overzicht opgesteld van relevante schademechanismen. Hierin is duidelijk geworden dat het niet alleen van belang is om te kijken naar de sterkte van een constructiedeel, maar dat ook aan de belastingenkant grote onzekerheid kan bestaan. In de sessie werd gesteld dat de beheerder veelal een “papieren probleem” heeft: bij een berekening wordt uitgegaan van een bepaald scenario, waardoor de constructie op papier niet meer voldoet. Als met behulp van monitoring kan worden aangetoond dat in werkelijkheid een dergelijk scenario niet aan de orde is - de degradatie verloopt anders of extreme belastingen zijn lager - dan kan een constructie wellicht op een verantwoorde manier langer mee.

Om te onderzoeken waar monitoring de grootste meerwaarde kan hebben is de experts gevraagd om per schademechanisme een aantal vragen te beantwoorden. Op basis van deze antwoorden zijn de schademechanismen geordend in een matrix met twee assen: “voorspelbaarheid van het mechanisme” en “ernst van het mechanisme”. Voor de mechanismen waarvan de voorspelbaarheid momenteel laag is en de ernst hoog, wordt nader gespecificeerd hoe een monitoringsysteem eruit zou kunnen zien. In een handreiking zal worden beschreven tot welke eisen en randvoorwaarden aan monitoring dit leidt.